TODAY+TOMORROW

Hallo Meneer: Boelaars

Alexis Bukowski

Je ziet ze overal: witte oude mannen die dingen vinden van de wereld. In de rubriek ‘Hallo Meneer…’ mogen Vileine vrouwen ook wat terugzeggen.

Hallo meneer Boelaars,

Oh, wat erg. Seksime in de politiek! De arme mannen: er zou van een sinister campagnebureau niet meer op ze gestemd mogen worden. En dat allemaal met – het zal toch niet – een gebrek aan onderbouwing! Zoiets moet natuurlijk met een bosje drogredenen weerlegd worden.

“Stem op een vrouw,” heet de campagne. Het idee: in de Tweede Kamer zijn maar 58 van de 150 kamerleden vrouw – 39% dus, naar boven afgerond. Da’s toch een beetje vreemd – moeten die vrouwen niet in de keuken staan? Sorry, nee: wat daar vreemd aan is, is dat er in de bevolking (zelfs iets meer dan) 50% van de mensen vrouw zijn. Nu hoeft het parlement geen perfecte afspiegeling van de bevolking te zijn, natuurlijk – het zou maar wat fijn zijn als het percentage oplichters en leugenaars lager in plaats van hoger zou liggen. Maar elke keer dat de afspiegeling zodanig afwijkt, is het de moeite waard om te vragen: waarom eigenlijk?

Gelukkig heeft u daar, in tegenstelling tot de onlogische vrouwen van de “Stem op een vrouw”-campagne, een heel logisch antwoord op!

“Stel je nu eens voor dat mannen vaker actief zijn bij politieke partijen (een feit, zie p.61) en dat mannen zich meer politiek ontwikkelen gedurende hun leven, bijvoorbeeld in gemeenteraden en provinciale staten (een feit). Is het dan niet juist logisch dat er iets meer mannen doorstoten tot de Tweede Kamer?”

Uuuuh… Misschien ben ik maar een onlogische vrouw, maar is dat niet eerder een verder voorbeeld van het probleem – er zitten minder vrouwen in de politiek – dan een verklaring? Het roept namelijk direct de vraag op: waarom zijn er dan over het algemeen vrouwen minder actief in de politiek?

Ik vermoed dat u daar een antwoord op heeft, maar dat liever impliceert dan expliciet opschrijft. De direct voorafgaande paragraaf luidt namelijk: “Het lijkt mij juist helemaal niet logisch. De meeste mensen willen vermoedelijk dat hun vertegenwoordiger slimmer, welbespraakter en/of politiek ervarener is dan zijzelf.” Zomaar wat willekeurige voorbeelden, natuurlijk. Helemaal niet bedoeld om de suggestie op te roepen dat vrouwen over het algemeen minder slim of welbespraakt zijn, natuurlijk. (Tip: daarom wordt er bij Nederlands op de middelbare school zo gehamerd op het gebruik van die verdomd handige verbindingswoorden.)

Altijd als er een discrepantie is tussen verhoudingen in de bevolking en verhoudingen ergens anders, kan je verklaringen halen uit twee algemene groepen: je kan die zoeken in de biologie of in de maatschappij. Meestal is het antwoord een combinatie. Voorbeeld: vrouwen hebben minder testosteron, en daarom wellicht minder aggressieve neigingen… én de maatschappij heeft de neiging om – bijvoorbeeld in de politiek – die agressieve neigingen, mits goed verpakt, te belonen.

Waarom er minder vrouwen zijn in de politiek, op elk niveau? Omdat meisjes als kind worden bestraft in plaats van beloond voor bazigheid en eigenwijsheid. Omdat het politieke leven in een aantal opzichten wordt gezien als onverenigbaar met wat onze maatschappij als het ideale vrouwenleven beschouwt. Omdat ambitie bij vrouwen wordt gezien als onaantrekkelijk, verdacht en zelfs gevaarlijk (zie: Hillary Clinton). Ik denk niet dat vrouwen inherent minder goed zouden zijn in politiek. Sterker nog: dat alleen al is een reden om te willen streven naar die gelijke representatie, want – puur logisch – anders krijg je nooit de best mogelijke Tweede Kamer.

U ziet geen probleem in die ontbrekende vrouwen. U biedt dan ook niet echt oplossingen. Immers: “Als vrouwen gemiddeld een positievere bijdrage leveren dan mannen en we beoordelen individuen op hun kwaliteiten, dan vertaalt zich dat vanzelf in een groter aantal vrouwen in de Kamer.”

U bent econoom – vandaar misschien dat geloof in een soort onzichtbare hand van de politiek. Maar deze theorie gaat ervan uit dat alle politici en alle kiezers puur rationele wezens zijn, met toegang tot alle feiten. Was er echter in 2002 geen Nobelprijs in de economie uitgereikt voor het inzicht dat mensen dat meestal juist níet zijn?

Kiezers kiezen meestal de lijsttrekker, omdat ze van de rest van de partij toch niet zoveel weten. Als ze al een voorkeursstem uitbrengen is dat ook niet altijd om inhoudelijke redenen. Sommigen kiezen voor iemand die uit de buurt komt, anderen gewoon voor degene met het leukste hoofd. Kiezen voor een vrouw is niet per se irrationeler.

En de lijstvolgorde dan? Door die voorkeursstem kan een vrouw een hogergeplaatste man passeren – dat zou toch niet moeten mogen! Tsja. Mensen die de lijst samenstellen zijn ook gewoon mensen, met alle vooroordelen en onbewuste voorkeuren die daarbij horen. Hopen dat met al die factoren kwaliteit uiteindelijk toch de bepalende factor blijft? Dat lijkt me niet bepaald op feiten gebaseerd.

Ik kan nog verdergaan over dat vrouwen evenveel rolmodellen verdienen als mannen, maar daar gaat het uiteindelijk niet om. Het gaat me vooral ook om die titel: “Stem niet op een vrouw” … en dus, eigenlijk: “Stem op een man.” Daar zit het hem eigenlijk. Stemmen op een man wordt nog steeds gezien als de regel – stem je op een vrouw, dan zal het wel alleen zijn omdát ze een vrouw is. Dat terwijl stemmen op een man net zoveel met gender te maken heeft. Ja, in een perfecte, niet-patriarchale maatschappij kan je inderdaad gender geheel buiten beschouwing laten. Helaas leven we daar (nog?) niet in.

Click to comment

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

VERS

We do not believe in the world empowering women.

We believe in women empowering the world!

Journalist, activist, game-changing artist, mind-body scientist, international solidarist?

Join the tribe

Copyright © 2016 Vileine

To Top